Adresseringstips
Onderstaande tips worden aanbevolen door de Australische post.
Algemene adresseringtips
- Gebruik de juiste postcode – indien u niet zeker bent, kunt u beter niets invullen. De postcode is het laatste gedeelte in het adres.
- Gebruik een duidelijk inkt – gebruik donkere inkt, bij voorkeur zwarte inkt op een witte envelop. Rode, gele of oranje inkt moet vermeden worden.
- Zorg ervoor dat het adres recht op de envelop staat – de adresregels moeten parallel lopen aan de onderkant van de envelop.
- Laat het adres niet inspringen – elke adresregel moet op hetzelfde punt aan de linkerzijde beginnen.
- Zorg voor de juiste spaties – laat één of twee spaties tussen bijvoorbeeld de straatnaam en het huisnummer.
- Onderstreep niets in de adressering.
- Vermeld een retouradres – het retouradres wordt in de linksboven op de achterkant van de envelop vermeld.
Machinale adresseringtips
- Gebruik een leesbaar lettertype – zorg ervoor dat de leestekens niet in elkaar overlopen. De Australische post beveelt een lettertype zoals Courier 12pt aan.
- Vermijd het gebruik van cursief of artistieke lettertypes alsmede extreem wijde of nauwe lettertypes.
- Vervang tijdig cartridges, e.d.
- Indien er gebruik wordt gemaakt van vensterenveloppen zorg er dan voor dat het adres goed zichtbaar is en dat er geen andere informatie in het venster zichtbaar is, zelfs niet als de envelop wordt bewogen.
- Gebruik de (voorgedrukte) ruimte voor de postcode niet voor machinale post.

Manuele adresseringstips
- Gebruik enveloppen waarop de ruimte voor de postcode is voorgedrukt.
- Vermeld de vier cijfers van de postcode duidelijk in de daarvoor bestemde ruimte.
- Gebruik de voorgedrukte postcode ruimte niet voor internationale post, zelfs niet als de postcode er makkelijk inpast.
- Zorg ervoor dat de plaatsnaam en de staat op de laatste regel in hoofdletters worden vermeld.


